Ik ben van mening dat we hier nog veel kunnen verbeteren. In de meeste gevallen leeft de kat gewoon bij ons in huis en binnenshuis zijn de katten goed gewend en op hun gemak. Als ze iets moeten doen waar ze niet aan gewend zijn worden onze kleine katjes ineens grote tijgers met scherpe klauwen. Ze zijn er niet aan gewend, dus vaak bang voor de nieuwe situatie waar je ze als eigenaar in wilt brengen. Op het moment dat er iets “moet” gebeuren, zoals een bezoek aan de dierenarts of aan het Kattenhotel schieten we allemaal in de stress, de eigenaar én de kat….
Opvoeding
De eerste maanden van het leven van een kitten zijn namelijk heel belangrijk. Zelfs zo belangrijk dat je al als kleine kitten kunt zien of het een sociaal opgevoed en evenwichtig diertje is.
- De 1e socialisatieperiode vind bij de fokker plaats en duurt van 3-7 weken leeftijd.
- Daarna volgt de 2e socialisatiefase, deze duurt van 8-16 weken leeftijd. Binnen deze korte periode moeten ze heel veel leren betreft sociaal gedrag, met soortgenoten, met mensen en bijvoorbeeld omgaan met andere dieren (een hond of konijn) in huis. Er is dus werk aan de winkel voor ons als eigenaars, om onze kitten zoveel mogelijk positieve ervaringen te geven en ze goed te socialiseren. Alles wat “gewoon” is voor jonge katten, dingen die ze regelmatig doen en meemaken, daar zullen ze als oudere kat veel makkelijker mee omgaan.
Katten worden met gemak 16 jaar en ouder en toch komt het nog vaak voor dat een kitten gratis wordt aangeboden en wie kan er nee zeggen tegen zo’n kleine kitten? Denk dat het toch een weloverwogen keuze moet zijn, om voor een bepaald dier te kiezen, zeker voor zo’n lange tijd. Je hebt ook de keuze om naar een fokker te gaan voor een raskat, maar slechts 5% van de kattenpopulatie is een kat met een stamboom. De leeftijd dat kittens bij de moederpoes weggaan is erg belangrijk, ze hebben tijd nodig om de kattentaal te leren van hun moeder en nestgenoten. Op de leeftijd van 6 weken is het echt veel te vroeg om een kitten uit de nest te halen.
- In Nederland heeft 23-24% van de huishoudens een kat. We hebben met zijn allen ongeveer 3 miljoen katten (bron: Dibevo) dus bijna een kwart van alle huishoudens in Nederland.